PLEEGZORG EN RESIDENTIËLE HULP

Wanneer je tijdelijk niet meer thuis kan wonen, wordt eerst bekeken of je in een pleeggezin terecht kan. Hierdoor blijf je deelnemen aan het gewone gezinsleven en verandert er zo min mogelijk. Als er geen plek is in een pleeggezin of de problemen te groot zijn, dan ga je naar een andere residentiële opvang. Meestal is de opvang in een pleeggezin of residentiële groep tijdelijk. Zodra de situatie het weer toelaat, ga je weer terug naar huis.

Pleegzorg
Een pleegkind ben je als je niet bij je vader of moeder woont, maar bij iemand anders. Pleegouders zijn ouders die voor het kind van een ander zorgen. Soms is dat voor een korte periode, soms totdat het kind 18 jaar oud is. Als je een  pleegkind bent, woon je niet altijd een volledige week bij het pleeggezin. Soms is dit alleen in de weekeinden om je ouders te ontlasten.

Residentiële hulp
Wanneer je niet terecht kan in een pleeggezin, word je opgevangen op een residentiële locatie. Dit kan een leefgroep zijn, maar bijvoorbeeld ook een Kamer Training Centrum (KTC).
In een leefgroep woon je met andere leeftijdgenoten in een huis waar 24 uur begeleiding van hulpverleners aanwezig is. In een KTC leef je al veel zelfstandiger. Je zorgt dan zelf voor het huishouden, het eten en de financiën. Regelmatig heb je contact met je begeleider om te werken aan de dingen die je wilt leren of veranderen.